top of page

Misschien gaat het wel over

26 sep
3 minuten om te lezen

Het was me nog nooit overkomen. Maar na het recente nieuws kon ik er niet omheen. Dus besloot ik mijn pabocolleges natuur en techniek deze week anders te beginnen dan gebruikelijk.


‘Goedemorgen allemaal, ik begin vandaag de les niet met een natuurgedicht uit het rode of blauwe boek. Normaal gesproken stemmen jullie uit welk boek je een gedicht wilt horen, maar deze keer niet.  Nee, deze keer lees ik jullie een stuk voor dat ik zelf gekozen heb, uit Kaas en de evolutietheorie van Bas Haring. Want ik ben me deze week rot geschrokken.


Uit onderzoek van de Universiteit Utrecht en het Trimbos Instituut blijkt dat de acceptatie van homoseksualiteit onder jongeren sterk is afgenomen. Onder jongens daalde die acceptatie van 40 naar 21 procent, onder meisjes van 78 naar 51 procent. En ik vind dat ik daar als opleidingsdocent niet omheen kan. Luister.’ En ik begin met voorlezen van het stuk Homoseksualiteit uit het genoemde boek.


Sommige mensen beweren dat homoseksualiteit onnatuurlijk is. Maar wat bedoelen ze daarmee? Ze bedoelen waarschijnlijk niet dat het niet voorkomt in de natuur, want homoseksualiteit komt wel degelijk voor in de natuur. Wij zijn allemaal natuur en er zijn een boel homoseksuelen onder de mensen. Bovendien bestaat er onder diersoorten ook homoseksualiteit. Nee, mensen die beweren dat homoseksualiteit onnatuurlijk is bedoelen vermoedelijk dat het tegen de bedoeling van de natuur indruist, maar de natuur heeft geen bedoeling. Mensen zijn niet ontworpen, zoals bijvoorbeeld auto’s ontworpen zijn. Er worden zebra’s met vijftig en met zestig strepen geboren. Er worden witte ijsberen geboren en lichtbruine. Er worden mensen met blauwe ogen en mensen met bruine ogen geboren. En… er worden hetero’s geboren en homo’s. Homoseksualiteit is in geen enkel opzicht onnatuurlijk en druist tegen geen enkele bedoeling in. Zo’n bedoeling bestaat namelijk niet in de natuur.


Als ik na het voorlezen opkijk, heb ik een doodstille klas voor me. En dat gebeurt bij alle vijf de colleges. Het is de studenten helder: hier staat een bloedserieuze docent die een statement maakt.


‘Weet je, wat je thuis of in je vriendengroep bespreekt is natuurlijk een privézaak. Maar ik spreek jullie aan als toekomstige collega’s. Wij als meesters en juffen kunnen en mogen hierover onze mond niet houden. We zijn in onze klaslokalen de hoeders van iets wat misschien wel tot het belangrijkste behoort dat we kinderen kunnen meegeven: je mag zijn wie je bent en je mag houden van wie je wilt houden. Wie zich daar als leerkracht niet over uitspreekt, is wat mij betreft geen knip voor de neus waard.’


Ik zie studenten knikken, ik zie instemmende gezichten en ik zie studenten die nadenken over wat ik zojuist heb voorgelezen en gezegd. En wellicht is er een enkeling die vindt dat ik mijn boekje te buiten ben gegaan. Dat een docent juist niet zijn eigen mening moet verkondigen, maar verschillende standpunten moet laten zien en het vervolgens aan studenten moet overlaten hun eigen mening te vormen.


En ja, dat vind ik ook in verreweg de meeste gevallen.


Maar niet in dezen.


Ik denk aan Cees.


Geboren in de jaren veertig in Brabant. Tijdens zijn puberteit merkt hij dat hij zich tot mannen aangetrokken voelt. Maar daarvoor uitkomen durft hij niet. Het katholieke geloof bepaalt zijn wereld en wat daarin wel en niet mag. Dus trouwt hij en krijgt hij kinderen.


Maar steeds is er die onrust.


Totdat hij, inmiddels in de veertig, genoeg moed heeft om te erkennen wie hij is en daar ook voor uit te komen.


Toen ik in de jaren negentig met hem bevriend raakte en zijn verhaal hoorde, vroeg ik hem wat hij als puber dacht over de gevoelens die hij had. Cees’ antwoord zal ik nooit vergeten:


‘Ik dacht: misschien gaat het wel over.’


Alsof het om een griepje ging.


Ik vertel mijn studenten ook over Cees en leg nog maar eens uit wat geaardheid betekent. 'Nee, je wordt niet homo of hetero doordat iemand je op een idee brengt. Het is geen keuze die iemand je aanpraat. Dus spreek je uit. Laat in je klas zien dat iedereen erbij hoort.’


En dan, na een korte stilte:


‘Zullen we nu de les beginnen?’

 

Wil je meer van me lezen? Kijk dan eens op https://www.gertspeelt.com/. Je kunt daar ook mijn boeken bestellen met daarin vele korte verhalen.

Opmerkingen


bottom of page