Mam naast pap
‘Mam ik vind dat heul dapper van je.’ ‘Dat weeit ik niet mien jong, maor het kan ja niet aans. Ik kom der toch niet meer in te wonen en met de winter die er ankomp. Dat de kachel soms dan an mot en die verzekerings enzo. Nee hor, laot we oous hoes maor verkopen.’
En dus staat vandaag, een paar weken nadat mijn moeder het aangaf, haar huis in Eext te koop.
Leuke hoekwoning met 4 slaapkamers, garage en berging op 337m2 grond, lees ik op de site van Funda. Daarna klik ik op de vele foto’s.
Van mams huis,
van mam en paps huis,
van ons huis,
van mijn huis.
Ik zie een inmiddels halflege kamer, een stille keuken, bedden zonder dekens, een enkele plant, mijn zielloze slaapkamer, de vlizotrap naar zolder, een opgeruimde garage en het lege timmerschuurtje van mijn vader.
Voor een vreemde zijn het gewoon foto’s. Foto's waarbij iemand zich afvraagt of hij hier zou willen wonen. Of er misschien iets naar eigen smaak veranderd moet. Een vaste trap naar zolder, één van de kamertjes ombouwen tot badkamer en de huidige douche wordt een inloopkast. Wellicht zelfs een stuk muur weghalen waardoor de keuken aan de kamer wordt getrokken.
Keuzes die van mijn huis het huis van een ander maken.
En zo moet het ook.
Maar toch……
Bij het zien van de foto’s ruik ik de taarten die mijn moeder in de keuken bakte. Doen mijn broers en ik de afwas na het avondeten. Struikelen elke zaterdagnamiddag Dick und Doof op de Duitse tv over elkaar heen. Doe ik ’s nachts voorzichtige stappen op de houten trap na een avondje Hof van Rolde. Pak ik mijn oranje telescoophengel om te gaan vissen. Bouwen mijn broertje Bert en ik van lakens en dekens grote tenten in onze slaapkamers. Trappen broer Jan en ik op straat de bal naar elkaar over. Ringt mijn vader in zijn volière vakkundig de pasgeboren kanaries. Hoor ik in de winter bij oostenwind de kerkklok slaan als ik in mijn warme bedje lig. Plak ik een enveloppe dicht met daarin mijn nieuwste liefdesbrief. Huilen mijn ouders na het overlijden van neefje Jan-Willem. Glimt mijn vader van trots als hij op de oprit zijn spiksplinternieuwe Nissan Micra start. Drogen aan de wasmolen onze blauwwitte vv Eext voetbalshirts. Verspreidt de geur van knieperties het hele huis als mijn vader twee pond meel verbakt. Speelt broer Jan op zijn elektrische gitaar zijn eerste AC/DC akkoorden. Loopt zoontje Erik met zijn kleine handje stevig in dat van opa richting de timmerschuur. Even later klinkt het tikken van een hamertje en toont hij trots een scheef in elkaar gespijkerd plankje. Krijgt zoontje Jesse een extra koekje en een aai over zijn bol van oma. Krijgt Lilian van mijn vader een stevige knuffel omdat hij zo blij met haar is.
Het huis staat te koop. Straks hangen er vreemde jassen aan de kapstok en verspreiden andere geuren zich vanuit de keuken.
Zal het huis, als ik er straks weer eens langs rijd, nog steeds al die herinneringen bij me oproepen? En zal ik dan toch nog even omkijken en zie ik dan op de oprit mijn ouders staan.
Mam naast pap.
Handen zwaaiend in de lucht.
Ik denk dat ze er inderdaad zullen staan.
Ik stop en draai het raampje open.
En roep zo hard als ik kan:
‘Dank jullie wel pap en mam!’
Daarna rijd ik de bocht om.
Wil je meer van me lezen? Kijk dan eens op https://www.gertspeelt.com/. Je kunt daar ook mijn boeken bestellen met daarin vele korte verhalen.





💝