Hier en daar
- 5 dagen geleden
- 2 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 5 dagen geleden

Eindeloze naaldbossen en snel stromende rivieren. Sneeuw op de bergen, verre horizonten op uitgestrekte fjällvelden. En dan, zomaar midden op de weg, een groepje rendieren. Sloom lopend, zich nergens wat van aantrekkend. Wij zijn hier te gast, pas je maar aan.
Reizen in Zweden heb ik, sinds de eerste keer dat ik hier kwam in de zomer van 1989, altijd fantastisch gevonden. Hier is de natuur alomtegenwoordig en kun je minutenlang rijden zonder iemand tegen te komen. Hoe noordelijker hoe stiller. En passeer je dan een dorpje of een buurtschap, dan is er altijd wel een Hembygsgård waar je al smullend van zelfgebakken taarten en hemkökte kaffe uitkijkt op keurig gemaaide gazonnetjes van de typische gele of rode houten huisjes.
Zo reis ik door het land waarvan ik ooit dagdroomde om er naar toe te emigreren. Maar het leven loopt soms anders en bovendien, wonen in de polder is ook niet niks.
De reis van deze zomer is een ware roadtrip. Een trip met een missie ook. Want zoon Jesse zal van augustus tot en met december aan de universiteit van Rovaniemi gaan studeren. Dus vroeg ik: ‘Jesse je kan volgens mij uit twee dingen kiezen. Óf je vliegt eind juli naar Finland, óf mama en ik brengen je er via Zweden naar toe. Wat dunkt je?’ Jesse hoefde niet lang na te denken, dat laatste. Toen ik vervolgens zei dat het dan wel onze vakantie zou zijn, de reis dus niet al te snel zou gaan en hij een aantal weken met zijn ouders opgescheept zou zitten, was zijn antwoord kraakhelder: ‘Leuk toch!’
De auto volgeladen, de dakkoffer uitpuilend en de achterbank bezet. Zo toeren we hier, steeds noordelijker, steeds verder weg van waar het het afgelopen jaar best hectisch was. De verhuizing van mijn moeder hakte erin, de zorg om haar was er. Maar nu, een aantal maanden later, is ze beetje bij beetje gewend en vond ik genoeg rust in mijn lijf om vier weken weg te gaan. ‘Gao maor mien jong, ik red mij hier wel, ze let hier gooud op mij.’
Zweden voelt als mijn tweede thuisland. Ondanks dat ik er nog nooit was geweest voelde het die allereerste keer direct vertrouwd en bekend. En dat is altijd zo gebleven. De taal helpt daarbij, ik kan het voor een groot deel volgen en kleine gesprekjes voeren is geen probleem. Maar ben ik deze weken dan helemaal hier en niet daar?
Toch niet helemaal, want als ik aan het eind van elke middag even bel hoor ik haar stem: ‘Ah, oous Gert.’ ‘Ja mam, Zweden aan de lijn, ku’j mij heuren? Want ik ben wel wied vot.’ Waarna mijn moeder lacht en we vervolgens wat keuvelen over daar en hier. En dan altijd aan het eind datzelfde zinnetje: ‘Doe mien jong, veurzichtig hè.’ ‘Ja mam, dat za’k dooun.’
Inmiddels is de zon achter de bomen verdwenen en kijk ik uit op een meer. Benieuwd naar de dag van morgen. Want dan rijden we naar Arjeplog. Een dorpje vlak onder de poolcirkel, waar ik in 1996 al eens zes weken woonde. Zininin!
Wil je op de hoogte blijven van nieuwe verhalen? Registreer dan je mailadres op https://www.gertspeelt.com/blog en ontvang gratis een bericht in je mailbox zodra een nieuw verhaal is gepubliceerd.


Opmerkingen