Zoeken

AMAZING

Bijgewerkt op: 30 jan.

Vergeten doe ik het nooit meer. Het was één van de meest fantastische momenten die ik tot nu in mijn leven heb meegemaakt. Een moment waarop de reële zichtbare wereld samenkwam met de wereld van het onwaarschijnlijke. Ja, sprookjes bestaan, ik heb het zelf meegemaakt.


Het is eind oktober 1996. Ik verblijf op dat moment in Arjeplog, een dorpje in Zweeds Lapland met zo’n 2000 inwoners. Het is er ruig, uitgestrekt en wonderbaarlijk mooi. Ik ben daar op mijn eigen initiatief. Na bijna zes jaar gewerkt te hebben als schoolmeester op basisschool de Brandaris in Dronten, voel ik dat ik toe ben aan nieuwe inspiratie. Dus bespreek ik mijn wens met mijn fijne directeur Geert Popkema. Dat gesprek duurt niet al te lang. Geert herkent mijn wens waarna ik de stoute schoenen aantrek. Ik plaats een advertentie in een Zweeds onderwijstijdschrift waarin ik mijzelf voorstel en vraag op welke school ik een aantal maanden mee zou mogen lopen. Tegelijkertijd vraag ik bij de Europese Unie een studiebeurs aan. De beurs wordt vrij snel goedgekeurd. Dit betekent dat ik 5000 gulden reis- en verblijfkosten mag declareren, dat de tijdelijke vervanger van mijn baan op de Brandaris volledig wordt vergoed en dat mijn salaris ook gewoon uitbetaald blijft.


Lang leve de Europese Unie.


Een poosje later kan ik mijn geluk niet op als ik van dertien Zweedse collega’s een reactie krijg. De één nog hartelijker dan de ander. Ik kies de drie interessantste scholen uit. Eentje in hartje Stockholm, een school in Graninge, op het platteland van Midden-Zweden en een school in Arjeplog, Lapland.


Het is half augustus 1996 wanneer ik per bus vertrek naar Zweden om mijn eerste vijf weken door te brengen in Graninge. Het is er fantastisch en ik heb het er erg goed. Na die vijf weken neem ik met tranen in mijn ogen afscheid van de Zweedse collega’s en kinderen. De tranen zijn evenwel snel gedroogd als ik in de trein het lieflijke landschap van Midden-Zweden zie veranderen in de ruigte van Lapland. Dit is wat ik wil meemaken. En dan, na een treinreis van acht uur en nog drie uur in de bus, stap ik op 7 oktober 1996 tegen een uur of drie in de middag uit en sta in het centrum van Arjeplog. ‘Hello, are you Gert?’ Een klein, ietwat dikkig mannetje stapt op me af. Ik knik. ‘Hello, I am Bengt-Urban, you are very very welcome here.’


Het is een droom die uitkomt, ik mag zes weken in Lapland wonen. Ik verblijf op Bengt-Urbans school, de Öbergaskolan. Ik geniet van de gastvrijheid en ben na schooltijd vaak te vinden in de grootse uitgestrektheid van de omgeving van Arjeplog. Ik mag in het huis van Bengt-Urban wonen, die zelf voor de tijd van zes weken weer even bij zijn ouders gaat wonen. Twee keer per week train ik mee met de plaatselijke voetbalclub en word zelfs opgesteld tijdens de laatste competitiewedstrijd. Vanaf dat moment kan ik zeggen dat ik een internationale voetbalcarrière heb. Ik ga mee op jacht en mag zelfs toeschouwer zijn bij het merken van jonge rendierkalveren, ergens ver en hoog in de bergen waar oude Samenmannen vakkundig de kalveren vangen met hun lasso’s. Tijdens een culturele week waarin de Samen centraal staan, geniet ik van hun Yoikgezang en dans. En onder het mom van meedoen is belangrijker dan winnen doe ik zelfs mee aan de Open Zweedse Lassowerpkampioenschappen. Gedurende zes weken voel ik me als een kind in de snoepwinkel. Als Lilian mij dan aan het eind van die zes weken komt opzoeken, weet ik niet waar ik moet beginnen met vertellen.


En dan, op de éénnalaatste avond gebeurt het! We zijn door Bengt-Urban uitgenodigd voor een afscheidsetentje bij hem thuis. Ik woon daar inmiddels niet meer want nu Lilian er is wonen wij in een piepklein Zweeds boshutje. We hebben een heerlijke avond met Bengt-Urban, waarna we aan het eind van de avond afscheid van hem nemen en terug naar ons huisje lopen. Maar na amper enkele tientallen meters gelopen te hebben flikkert plots de hemel boven ons op in een groen, geel, blauwe gloed. Vlagen van een onwaarschijnlijk mooi Noorderlicht verlichten de hemel. Lilian en ik zijn sprakeloos. Het is een overweldigende gebeurtenis die helaas ook weer net zo snel verdwijnt als dat ie kwam.


Maar met het snelle verdwijnen is de herinnering geboren. Een herinnering die deze week plotseling weer teugkomt als ik mijn telefoon hoor bliepen. Een inkomend appje van vriend Peter die met zijn lief Paulien in Finland is. Ze zijn de eigenaren van het prachtige Go-North, een kleine en dynamische reisorganisatie, gespecialiseerd in het organiseren van individuele- en groepsreizen naar Noord-Europa. Ik kijk op mijn toestel en zie de meest mooie foto’s van het Noorderlicht en ben onmiddellijk terug in 1996. Maar hoewel de foto’s van ongekende schoonheid zijn, geniet ik nog het meest van de woorden die Peter er bij heeft gezet.


Het heeft zeker zes uur geduurd en ik heb nog nooit zoveel Noorderlicht gezien op één avond. AMAZING! Fijne dag vandaag Gert!


Door de woorden heen voel ik zijn verwondering. Even laat ik me meevoeren naar dat mooie moment maar hoor dan opeens een luid gemauw. Het is mijn kat die naar binnen wil om verse brokjes te krijgen. Ik luister naar zijn gejammer en stop het wondermooie Lapland terug in mijn hart, waar het altijd zal blijven, en gelukkig altijd weer uit terug te halen is.



 


Wil je op de hoogte blijven van nieuwe verhalen? Registreer dan je mailadres op https://www.gertspeelt.com/blog en krijg vervolgens wekelijks gratis een bericht in je mailbox zodra een nieuw verhaal is gepubliceerd.

Recente blogposts

Alles weergeven